In 2025 publiceerde de Belastingdienst het Handhavingsplan Arbeidsrelaties. Dit plan bouwt voort op de eerdere aanpak van de Belastingdienst tegen schijnzelfstandigheid, maar neemt ook veel van de heersende misvattingen in de markt weg. In dit artikel hebben we de belangrijkste inzichten kort samengevat, onderbouwd met concrete citaten uit het handhavingsplan van de Belastingdienst. Dit plan is ook in 2026 van kracht, met enkele kleine wijzigingen. Een update lees je hier:
Blijvende ruimte voor zelfstandigen op de Nederlandse arbeidsmarkt:
De huidige aanpak onderstreept dat samenwerking met zelfstandigen in 2026 mogelijk blijft, zolang dit past binnen de geldende wet- en regelgeving.
𝘏𝘦𝘵 𝘬𝘢𝘣𝘪𝘯𝘦𝘵 𝘸𝘪𝘭 𝘥𝘦 𝘷𝘳𝘪𝘫𝘩𝘦𝘪𝘥 𝘷𝘢𝘯 𝘮𝘦𝘯𝘴𝘦𝘯 𝘰𝘮 𝘩𝘶𝘯 𝘸𝘦𝘳𝘬𝘦𝘯𝘥𝘦 𝘭𝘦𝘷𝘦𝘯 𝘪𝘯 𝘵𝘦 𝘳𝘪𝘤𝘩𝘵𝘦𝘯 𝘯𝘪𝘦𝘵 𝘪𝘯𝘱𝘦𝘳𝘬𝘦𝘯. 𝘏𝘦𝘵 𝘸𝘦𝘳𝘬𝘦𝘯 𝘢𝘭𝘴 𝘻𝘦𝘭𝘧𝘴𝘵𝘢𝘯𝘥𝘪𝘨𝘦 𝘪𝘴 𝘦𝘯 𝘣𝘭𝘪𝘫𝘧𝘵 𝘮𝘰𝘨𝘦𝘭𝘪𝘫𝘬, 𝘢𝘭𝘴 𝘥𝘪𝘵 𝘱𝘢𝘴𝘵 𝘣𝘪𝘯𝘯𝘦𝘯 𝘸𝘦𝘵- 𝘦𝘯 𝘳𝘦𝘨𝘦𝘭𝘨𝘦𝘷𝘪𝘯𝘨.” (bron: Belastingdienst)
Het nieuwe kabinet (beëdigd op 23 februari 2026) is positief gestemd over het werken met zzp’ers. Er wordt erkend dat zzp’ers tot een steeds grotere groep horen en dat dit past bij de moderne arbeidsmarkt, waarin de wens naar autonomie toeneemt.
Via diverse wetsvoorstellen wil het nieuwe kabinet deze grote groep duidelijkheid geven, met heldere kaders rondom de beoordeling van zelfstandig ondernemerschap. Tot deze wetsvoorstellen zijn uitgewerkt en goedgekeurd blijft het huidige toetsingskader van kracht. Lees hier alles wat je moet weten over werken met zzp'ers in 2026.
Om opdrachtgevers te ondersteunen bij het correct kwalificeren van een arbeidsrelatie, hebben wij praktische documentatie en templates ontwikkeld volgens de richtlijnen van de Belastingdienst. Op deze manier ben je als opdrachtgever bewust bezig met de kwalificatie en kan je dit bovendien aantonen tijdens een eventueel bedrijfsbezoek van de Belastingdienst. Raadpleeg ze hier.
Wat betekent dit concreet voor jou als opdrachtgever? Dit zijn de belangrijkste punten om in 2026 scherp te hebben.
Wat moet je als opdrachtgever in 2026 vooral onthouden?
De regels rondom schijnzelfstandigheid vragen in 2026 nog steeds om aandacht, maar het is belangrijk om scherp te hebben wat er nu echt geldt. Dit zijn de drie belangrijkste punten:
1. Werken met zzp'ers blijft mogelijk
De Belastingdienst handhaaft op schijnzelfstandigheid, maar dat betekent niet dat samenwerken met zzp'ers niet meer kan. Het betekent wél dat je als opdrachtgever moet kunnen laten zien dat de arbeidsrelatie past binnen de geldende regels.
2. De focus ligt op begeleiding en correctie
In 2026 blijft de handhaving risicogericht. De Belastingdienst kijkt in eerste instantie of jouw organisatie actief bezig is met het correct kwalificeren van arbeidsrelaties. Voor opdrachtgevers die zichtbaar werk maken van compliance ligt de nadruk op verbetering, niet op directe bestraffing.
3. Het huidige toetsingskader blijft leidend
Zolang nieuwe wetgeving nog niet is aangenomen, blijft het huidige juridische kader van kracht. Dat betekent dat arbeidsrelaties nog steeds worden beoordeeld op basis van de holistische toets en de criteria uit het Deliveroo-arrest. Juist daarom is het belangrijk dat jouw beleid, documentatie en werkpraktijk op elkaar aansluiten.
Zachte landing: risicogerichte handhavingsstrategie
De zachte landing en risicogerichte handhavingsstrategie van de Belastingdienst blijven ook in 2026 het uitgangspunt. Wat dat in de praktijk betekent, lees je hieronder.
Bedrijfsbezoek als startpunt
De Belastingdienst start een controle in 2026 in principe niet met een boekenonderzoek, maar met een oriënterend bedrijfsbezoek. Dit is een gesprek om de werkwijze te inventariseren en waar nodig verbeterpunten aan te geven.
Met deze coachende aanpak richt de Belastingdienst zich op begeleiding en correctie, in plaats van sancties. Het blijft hierbij uiteraard belangrijk om je arbeidsrelaties correct te kwalificeren, volgens de richtlijnen van de Belastingdienst. Om je hierbij te helpen hebben we handige documentatie en templates ontwikkeld. Lees hier meer over de risicogerichte handhavingsaanpak van de Belastingdienst.
Hoe verloopt een controle in de praktijk?
Voor veel opdrachtgevers zit de onrust niet in de regels zelf, maar in de vraag wat er gebeurt als de Belastingdienst daadwerkelijk aanklopt. Het helpt daarom om te weten hoe een controle op schijnzelfstandigheid er in de praktijk meestal uitziet.
1. De Belastingdienst begint met een gesprek
Een controle start in principe met een oriënterend bedrijfsbezoek. Dat is geen boekenonderzoek en ook geen directe sanctie. Het doel van dit eerste contactmoment is om inzicht te krijgen in hoe jouw organisatie werkt met zzp'ers en hoe je arbeidsrelaties kwalificeert.
De Belastingdienst kijkt daarbij niet alleen naar losse overeenkomsten, maar vooral naar de manier waarop jouw organisatie de inhuur van zzp'ers structureel heeft ingericht.
2. Je moet kunnen laten zien dat je actief bezig bent
Het belangrijkste tijdens zo'n bezoek is niet dat alles perfect is ingericht. Waar het om draait, is dat je kunt aantonen dat jouw organisatie bewust bezig is met het tegengaan van schijnzelfstandigheid.
Denk bijvoorbeeld aan:
- Een duidelijk inhuurbeleid voor zzp'ers
- Documentatie waaruit blijkt hoe je arbeidsrelaties beoordeelt
- Overeenkomsten die aansluiten op de werkpraktijk
- Interne afwegingen op basis van de richtlijnen van de Belastingdienst
Als je dit op orde hebt, laat je zien dat je de kwalificatie van arbeidsrelaties serieus neemt. Dat is precies waar in de eerste fase van de handhaving naar wordt gekeken.
3. De eerste schil bepaalt of er verder wordt gekeken
De Belastingdienst werkt volgens het schillenmodel. Dat betekent dat eerst wordt gekeken naar jouw beleid, werkwijze en documentatie. Kun je in die eerste schil laten zien dat je actief bezig bent met compliance, dan is dat een sterk signaal dat verder onderzoek niet nodig is.
Juist daarom is het zo belangrijk om niet alleen het juiste beleid te hebben, maar ook te zorgen dat je dit eenvoudig kunt laten zien bij een bedrijfsbezoek.
4. Correctie gaat voor sanctie
Als de Belastingdienst verbeterpunten ziet, ligt de nadruk in beginsel op begeleiding en correctie. De insteek is dus niet om organisaties die zichtbaar serieus met de regels omgaan direct te bestraffen, maar om hen te helpen processen verder op orde te brengen.
Dat betekent niet dat je niets hoeft te doen. Het betekent wel dat organisaties die hun verantwoordelijkheid nemen ruimte krijgen om bij te sturen.
5. Goede voorbereiding zit vooral in beleid en bewijs
De beste voorbereiding op een mogelijke controle zit niet in juridische details, maar in een heldere en aantoonbare aanpak. Als je vooraf hebt vastgelegd hoe jouw organisatie met zzp'ers werkt, hoe je arbeidsrelaties beoordeelt en hoe die beoordeling aansluit op de praktijk, sta je direct sterker.
Daarmee maak je het verschil tussen een gesprek waarin je kunt laten zien dat je grip hebt op je proces, en een situatie waarin de Belastingdienst aanleiding ziet om dieper door te vragen.
Die coachende aanpak zie je ook terug in de manier waarop de Belastingdienst omgaat met boetes.
Geen verzuimboetes
Zoals ook in 2025 legt de Belastingdienst bij controles op schijnzelfstandigheid in principe geen verzuimboetes op.
Bij bewust misbruik, kwaadwillendheid of opzet is het voor de Belastingdienst in 2026 wel mogelijk om vergrijpboetes op te leggen. Maar zoals hierboven al aangegeven ligt de focus van de Belastingdienst op begeleiding en bewustwording, voordat er wordt overgegaan op sancties.
De Belastingdienst controleert volgens het schillenmodel. Dit betekent dat als een organisatie bij een eventuele controle kan laten zien dat zij actief bezig is met het tegengaan van schijnzelfstandigheid, de Belastingdienst geen verder onderzoek doet (niet zal ‘doorprikken’ naar de volgende schil).
Het is dus belangrijk om deze eerste schil goed in te richten. De Belastingdienst heeft aangegeven dat het inregelen van de eerste schil kan worden bereikt in twee stappen. Check deze hier en maak direct gebruik van onze handige templates.
Werknemer of zelfstandige: een holistische toets
De holistische toets is nog steeds van kracht. Zoals aangegeven in Toelichting Beoordeling Arbeidsrelaties bevestigt de Belastingdienst dat het niet mogelijk is om op basis van één enkel element vast te stellen of iemand een werknemer of zelfstandige is.
Alle feiten en omstandigheden moeten in onderlinge samenhang worden beoordeeld, een aanpak die de Belastingdienst omschrijft als de "holistische toets." In hun eigen woorden:
“Bij het bepalen of er sprake is van een arbeidsovereenkomst zijn alle feiten en omstandigheden van belang. Die feiten en omstandigheden moeten in onderling verband bekeken worden. Daarbij is niet één enkel feit of één enkele omstandigheid beslissend: alles moet in onderling verband worden beoordeeld. Dit noemen we ook wel de holistische toets.”
Met deze benadering streeft de Belastingdienst naar een zorgvuldige en evenwichtige beoordeling van de arbeidsrelatie.
Samengevat:
Dit betekent dat:
- al duidelijk is geworden dat ook het nieuwe kabinet het samenwerken met zzp’ers niet wil ontmoedigen en je dus gewoon met zzp’ers kan blijven werken - mits je dit doet volgens de regels van de Belastingdienst,
- het belangrijk is om daar duidelijk beleid voor op te stellen,
- dat arbeidsrelaties holistisch aan de hand van Deliveroo gekwalificeerd moeten worden, en
- dat als je dat doet de Belastingdienst in eerste aanleg begint met een coachend bedrijfsbezoek (en dus niet meteen met een correctieverplichting op de stoep staat).
Wil je het uitgebreide stuk van de Belastingdienst lezen? Bekijk het stuk hier.
Heb je vragen naar aanleiding van dit artikel, neem dan gerust contact met ons op.


%201.webp)
