Het wetsvoorstel VBAR (Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden) heeft lang centraal gestaan in de discussie rondom zzp-wetgeving in Nederland. Met de komst van het nieuwe kabinet (beëdigd februari 2026) is de koers echter gewijzigd: de VBAR wordt niet doorgezet en maakt plaats voor een nieuw wettelijk kader, de Zelfstandigenwet. In dit artikel leggen we uit wat de VBAR inhield, waarom het voorstel is verlaten, wat er voor in de plaats komt, en wat dit betekent voor opdrachtgevers die met zzp'ers werken.
Wat was het wetsvoorstel VBAR?
Het wetsvoorstel VBAR was bedoeld om meer duidelijkheid te scheppen over de beoordeling van arbeidsrelaties, met de nadruk op de vaststelling van werknemerschap. Het voorstel introduceerde daartoe de zogeheten WZOP-toets met drie gelijkwaardige criteria:
- Werknemerschapscriteria: factoren die wijzen op een dienstverband, zoals werkinhoudelijke aansturing en inbedding in de organisatie.
- Zelfstandigheidscriteria: elementen die aantonen dat iemand zelfstandig werkt, zoals het dragen van financieel risico.
- Ondernemerschapscriteria: externe ondernemerskenmerken, zoals meerdere opdrachtgevers of investeren in het eigen bedrijf.
Daarnaast introduceerde het voorstel een rechtsvermoeden van werknemerschap bij een laag uurtarief. Werkers die onder een bepaalde tariefgrens werkten en een beroep deden op werknemerschap, zouden daardoor een sterkere positie bij de rechter krijgen. De bewijslast verschoof in dat geval naar de opdrachtgever.
Waarom wordt de VBAR niet doorgezet?
Het wetsvoorstel VBAR stuitte op stevige kritiek, zowel vanuit de markt als vanuit de politiek. De Raad van State oordeelde dat het voorstel weinig toevoegde aan de bestaande regelgeving en nauwelijks meer duidelijkheid bood. Ook politiek was er weinig draagvlak: meerdere partijen, waaronder de VVD, dienden alternatieven in en betoogden dat de VBAR te weinig ruimte liet voor zelfstandig ondernemerschap.
Met de vorming van het nieuwe kabinet-Jetten (D66, VVD en CDA, beëdigd februari 2026) is definitief gekozen voor een andere koers. Het toetsingskader uit de VBAR wordt niet voortgezet en wordt vervangen door de Zelfstandigenwet.
Wat komt ervoor in de plaats: de Zelfstandigenwet
De Zelfstandigenwet markeert een betekenisvolle koerswijziging. Waar de VBAR primair focuste op het vaststellen van werknemerschap, stelt de Zelfstandigenwet de ondernemer centraal. De eerste vraag wordt: gedraagt iemand zich als zelfstandige in het economisch verkeer? Denk aan werken voor meerdere opdrachtgevers, eigen tarieven bepalen en het dragen van financieel risico.
De toon van het nieuwe kabinet is daarbij uitgesproken positief over zelfstandigheid. Zelfstandig werken wordt niet ontmoedigd – er komen duidelijkere spelregels.
Belangrijk om te weten: ook de Zelfstandigenwet is nog niet aangenomen en moet nog door beide Kamers. Tot die tijd blijft het huidige juridische kader van kracht: de Wet DBA en de bestaande jurisprudentie, waaronder de holistische toets op basis van de negen Deliveroo-criteria.
Lees meer over de Zelfstandigenwet en wat deze concreet betekent voor opdrachtgevers in ons uitgebreide artikel.
Wat is nu precies het verschil tussen de VBAR en de Zelfstandigenwet?
Het belangrijkste verschil tussen de VBAR en de voorgestelde Zelfstandigenwet zit in het vertrekpunt van de beoordeling.
Bij de VBAR lag de nadruk op de vraag of iemand in feite als werknemer werkt. De beoordeling begon dus sterk vanuit werknemerschap. Dat zorgde in de praktijk voor veel discussie, omdat opdrachtgevers en zzp'ers het gevoel kregen dat zelfstandig ondernemerschap vooral langs de lat van loondienst werd gelegd.
De Zelfstandigenwet kiest volgens de huidige plannen een andere route. Daarin staat juist de vraag centraal of iemand daadwerkelijk zelfstandig ondernemer is. Niet: wat maakt deze werkende mogelijk werknemer? Maar: welke kenmerken laten zien dat hier sprake is van zelfstandig ondernemerschap?
Dat is geen klein nuanceverschil. Het bepaalt namelijk hoe je als opdrachtgever naar de samenwerking kijkt. Een kader dat vertrekt vanuit werknemerschap stuurt je sneller naar risicovermijding. Een kader dat vertrekt vanuit zelfstandigheid vraagt juist om een goede onderbouwing van ondernemerschap, zowel in de werkrelatie zelf als in de manier waarop iemand zich in de markt gedraagt.
Voor opdrachtgevers is dat relevant, omdat het beter aansluit bij de praktijk waarin veel zelfstandigen bewust kiezen voor autonomie, flexibiliteit en ondernemerschap. Tegelijk verandert er op dit moment nog niets aan de juridische beoordeling. De Zelfstandigenwet is nog niet aangenomen. Tot die tijd blijft het bestaande kader van kracht en wordt nog steeds gekeken naar de feiten en omstandigheden van de werkrelatie als geheel.
Wat je daar nu al uit kunt meenemen, is de richting waarin de discussie zich ontwikkelt. Ook onder het huidige kader helpt het om samen te werken met zzp'ers die zich aantoonbaar als ondernemer gedragen, voor meerdere opdrachtgevers werken, eigen keuzes maken in de uitvoering van het werk en niet volledig zijn ingebed in jouw organisatie.
Deze koerswijziging betekent dus niet dat opdrachtgevers kunnen afwachten. Wel geeft het een duidelijker kompas: zorg dat jouw samenwerking met zzp'ers niet alleen op papier, maar ook in de praktijk de kenmerken van zelfstandig ondernemerschap laat zien.
Wat verandert er nu voor opdrachtgevers?
Zolang de Zelfstandigenwet nog niet is aangenomen, verandert er niets aan de manier van samenwerken. Het huidige toetsingskader blijft van kracht. Wel handhaaft de Belastingdienst sinds januari 2025 actief op schijnzelfstandigheid, waarbij een risicogerichte aanpak en zachte landing het uitgangspunt zijn.
Wat dit in de praktijk betekent:
- Er is geen sprake van automatische herkwalificatie van zzp'ers. Een rechtsvermoeden van werknemerschap – ook in de plannen voor de Zelfstandigenwet nog steeds een onderdeel – kan alleen door de werker zelf worden ingeroepen via een gerechtelijke procedure.
- De holistische toets op basis van de negen Deliveroo-criteria blijft leidend. Geen enkel criterium is op zichzelf doorslaggevend: het gaat altijd om het totaalplaatje.
- Opdrachtgevers die zorgvuldig werken volgens de bestaande richtlijnen en dat kunnen aantonen, lopen geen verhoogd risico.
Waarom opdrachtgevers Temper met vertrouwen kunnen blijven gebruiken
Juridische duidelijkheid: de rechter heeft in de zaak Temper geoordeeld dat Freeflexers via het platform als zelfstandigen werken. Dit geeft juridische zekerheid over de huidige werkwijze.
Bewuste keuze van zelfstandigen: uit onderzoek onder Freeflexers blijkt dat zij bewust kiezen voor deze werkvorm – als bijverdienste, naast studie, ouderschap of een andere baan. Meer dan 85% kiest voor flexibiliteit en autonomie, en ruim 90% werkt voor meerdere opdrachtgevers per jaar.
Rechtsvermoeden in de praktijk: in tien jaar bestaan van Temper heeft nog nooit één Freeflexer geclaimd ongewenst binnen een zzp-construct te hebben gewerkt. Het rechtsvermoeden kan alleen door werkers zelf worden ingeroepen, en er is geen reden om aan te nemen dat dit zal veranderen.
Afhankelijkheid is nihil: de overgrote meerderheid van de Freeflexers is niet afhankelijk van één opdrachtgever of van freelance-inkomsten als primaire bron van bestaan. Dit sluit aan bij de eisen van de wetgever en onderstreept hun zelfstandige positie.
Loondienst is geen aantrekkelijk alternatief: 86% van de bijverdieners die een loondienstverband aangeboden kreeg, heeft hier geen gebruik van gemaakt. Dit bevestigt dat deze groep niet uit noodzaak, maar uit overtuiging kiest voor zelfstandig werken.
Temper blijft de ontwikkelingen nauwgezet volgen, blijft in gesprek met politiek en toezichthouders, en zorgt ervoor dat opdrachtgevers veilig en verantwoord gebruik kunnen blijven maken van het platform.
Samenvatting
- De VBAR wordt niet doorgezet: het nieuwe kabinet heeft gekozen voor de Zelfstandigenwet als vervanger.
- De Zelfstandigenwet is er nog niet: tot die tijd blijft het huidige juridische kader – Wet DBA en Deliveroo-jurisprudentie – gewoon van kracht.
- Er verandert nu niets voor opdrachtgevers: wie zorgvuldig werkt en dat vastlegt, staat goed.
- De rechter bevestigt de zelfstandigheid van Freeflexers: de huidige werkwijze via Temper staat juridisch stevig.
- Freeflexers kiezen bewust voor deze werkvorm: flexibiliteit en autonomie staan centraal.
- Temper blijft uw betrouwbare partner: wij houden u op de hoogte van alle ontwikkelingen.
Heb je vragen of wil je meer weten? Neem gerust contact op met ons team.
.avif)

%201.webp)
